Jan Van Coillie is emeritus hoogleraar KU Leuven, recensent, dichter en bloemlezer van kinder- en jeugdpoëzie. Hij zat vier jaar lang in de adviescommissie auteurslezingen en geeft zelf ook al vele jaren lezingen aan kinderen en jongeren. Voor Literatuur Vlaanderen is de ondersteuning van auteurslezingen een belangrijke manier om in te zetten op leesbevordering, en dat is ook voor Jan een belangrijk aandachtspunt.
Hoe betrek je jonge lezers actief bij boeken?
“Door de jaren heen heb ik – dankzij de vele ervaringen met kinderen en jongeren – een aanpak ontwikkeld waarbij ik hen van binnenuit laat ontdekken hoe poëzie op een heel bijzondere manier gevoelens onder woorden kan brengen. Ik vertrek vanuit eigen gedichten of gedichten uit mijn bloemlezingen met originele beeldspraak of ongewone combinaties van woorden die je aan het denken zetten. Daarna laat ik de leerlingen experimenteren met die dichterlijke technieken, tot ze uiteindelijk een persoonlijk gedicht schrijven. Die gedichten koppel ik terug aan bestaande gedichten rond dezelfde gevoelens of onderwerpen. Kinderen ervaren daardoor zelf hoe poëzie werkt en wat die voor hen kan betekenen. Mooi daarbij is ook hoe kinderen openbloeien wanneer medeleerlingen vol bewondering reageren op wat ze schreven. Op het einde komen veel kinderen nieuwsgierig in de bloemlezingen bladeren.”
Heb je een bijzondere herinnering aan een van je lezingen?
“Ik herinner me nog levendig een lezing voor een BSO-klas (automechanica). Zoals meestal bij zo’n doelgroep deelde ik na een introductie bloemlezingen van mezelf en dichtbundels van verschillende dichters uit en liet ik de leerlingen daar een tiental minuten in lezen, op zoek naar gedichten die ze mooi vonden. Er was meteen de magie van het ontdekken: voor de jongeren de ontdekking van een favoriet gedicht; voor de leerkrachten de ontdekking dat hun leerlingen echt konden wegduiken in een dichtbundel. Enkele leerlingen lazen hun favoriete gedicht voor, waarop boeiende gesprekken volgden. Maar het bijzonderste moment kwam daarna, wanneer de jongeren zelfgeschreven gedichten voorlazen, gebaseerd op dichterlijke technieken die ik hen aanleerde en vaak geïnspireerd door gedichten die ze ontdekt hadden."
Een jongen las een gedicht voor vol krachtige beelden en zinderende emoties onder de woorden. Het werd stil in de groep. Iedereen had gesnapt dat het over pesten ging én dat het zo’n mooi, gedurfd gedicht was. Maar vooral hadden ze ontdekt wat gedichten met je kunnen doen.
Jan Van Coillie
Heb je de voorbije vier jaar een evolutie gezien in de auteurslezingen?
“Wat ik in die afgelopen vier jaar vooral als positief ervaren heb, is dat steeds meer auteurs aandacht gingen besteden aan het leesbevorderend karakter van hun lezing. Daarbij zal wellicht ook een rol gepeeld hebben dat de onze instructies helderder en concreter geworden zijn. Niet alleen de aandacht voor eigen werk maar ook vertellen over inspiratiebronnen, lectuur uit je eigen jeugd of recente boeken die je diep raakten, kunnen enthousiasme voor literatuur overbrengen op het publiek."
De laatste paar jaar werd ik ook vaker verrast door de creatieve werkvormen waarmee auteurs hun publiek (vooral kinderen) heel actief in contact brengen met hun boeken, werkvormen waar hun enthousiasme als het ware vanaf spat, wat ongetwijfeld aanstekelijk werkt.
Wat is je gouden tip voor auteurs om tijdens een lezing actief met leesbevordering aan de slag te gaan?
“Stel jezelf de vraag hoe je kinderen in jouw lezingen warm kunt maken voor boeken (niet alleen voor je eigen boeken, dat spreekt vanzelf, maar ook voor boeken in het algemeen). Of anders gesteld: hoe kan je jouw eigen enthousiasme voor literatuur overdragen? Stel je die vraag geregeld opnieuw en maak je antwoorden voor jezelf heel concreet vanuit het besef en je eigen ervaring dat boeken heel bijzondere dingen kunnen beteken voor jonge lezers.”